Fnuikt de liquiditeitstest het succes van de BV?

Fnuikt de liquiditeitstest het succes van de BV?
09-12-2019
vennootschapsrecht

Recentelijk vernamen wij dat sommige adviseurs hun cliënten aanbevelen te kiezen voor de naamloze vennootschap (“NV”), en niet voor de besloten vennootschap (“BV”), zodra bij oprichting voldoende kapitaal voorzien is om een NV op te richten. Nochtans werd de BV door onze wetgever naar voor geschoven als de geprefereerde rechtsvorm.

Recentelijk vernamen wij dat sommige adviseurs hun cliënten aanbevelen te kiezen voor de naamloze vennootschap (“NV”), en niet voor de besloten vennootschap (“BV”), zodra bij oprichting voldoende kapitaal voorzien is om een NV op te richten. Nochtans werd de BV door onze wetgever naar voor geschoven als de geprefereerde rechtsvorm.

Wij weten niet of dit een wijdverspreide tendens is. Alleszins blijkt dit niet uit recente cijfers als gepubliceerd in De Tijd op 19 november 2019: tussen 17 mei en 16 november van dit jaar werden er 15.568 vennootschappen opgericht, waarvan maar liefst 96,2% BV’s. En wij gaan ervan uit dat in die periode ook een groot aantal vennootschappen werden opgericht met een aanvangsvermogen die het minimumkapitaal van de NV (€ 61.500,00) overstijgt. Er zijn dus wel degelijk oprichters die kiezen voor de BV, zelfs met een aanvangsvermogen van meer dan € 61.500,00.

Als reden voor hun advies om te kiezen voor de NV, haalden deze adviseurs de verplichte dubbele winstuitkeringstest aan, en dan in het bijzonder de liquiditeitstest, die geldt in de BV doch niet in de NV. En omdat men dankzij het WVV een NV nu ook grotendeels kan organiseren als een BV, bijvoorbeeld met een enige aandeelhouder en/of een enige bestuurder, zien deze adviseurs geen reden om te opteren voor de BV.

Het is inderdaad zo dat het WVV het bestuur van de BV een eigen verantwoordelijkheid oplegt bij de uitkering van winst. Het bestuur moet namelijk bevestigen dat de vennootschap na de uitkering in staat blijft haar schulden te voldoen naarmate deze opeisbaar worden over een periode van minstens 12 maanden. Het bestuur moet dit verantwoorden in een bijzonder verslag. In een technische nota aan haar leden suggereert het IBR hoe het bestuur hierbij niet enkel moet oordelen op basis van historische financiële informatie, maar ook rekening dient te houden met toekomstige financiële informatie (bestaande uit prognoses en/of projecties). Ook de memorie van toelichting bij het WVV haalt aan dat het bestuur zich moet beraden of een zuivere balansmatige benadering voldoende is, dan wel zij ook toekomstige ontwikkelingen in rekening moet brengen en/of een projectie moet doen van historische vermogensstromen. Het spreekt voor zich dat dergelijke oefening subjectief is omdat bepaalde afwegingen dienen gemaakt te worden door het bestuur.

Indien nadien blijkt dat de bestuurders wisten, of behoorden te weten, dat de vennootschap haar schulden niet meer zou kunnen voldoen, zijn zij jegens de vennootschap en derden (bijvoorbeeld schuldeisers) hoofdelijk aansprakelijk voor de daaruit voortvloeiende schade.

Naast de bijkomende last en kost die sowieso gepaard gaan met het opstellen van het verslag, schuilt in deze subjectiviteit dus ook een risico voor bestuursleden, hetgeen deze adviseurs wensen te vermijden door te opteren voor de NV.

Het is echter de vraag of het bestuur van de NV bij het uitvoeren van een winstuitkering, zich zonder meer kan verstoppen achter de beslissing van de algemene vergadering, zelfs in het geval de uitkering valt binnen de grenzen van de nettoactieftest (die wel geldt voor de NV). Zo zouden bestuurders aangesproken kunnen worden op basis van de gewone bestuursfouten, aangezien het uitvoeren van een winstuitkering, zelfs indien goedgekeurd door de algemene vergadering, die de vennootschap financieel in gevaar brengt, hun algemene zorgvuldigheidsplicht kan schenden. In die zin doen bestuurders er goed aan in het geval zij menen dat een winstuitkering de vennootschap in het gevaar zou brengen, om de uitkering niet te laten gebeuren en dit gemotiveerd te melden aan de algemene vergadering. Ook de memorie van toelichting bij het WVV herinnert dit principe, alleen werd de verplichting tot het uitvoeren van een liquiditeitstest, te formaliseren in een verslag, enkel opgelegd voor de BV, als compenserende maatregel voor de afschaffing van het kapitaal.

Een verwittigd bestuurder is er twee waard: alhoewel de liquiditeitstest enkel wettelijk verplicht is gemaakt in de BV, is dit geen vrijgeleide voor de bestuurders van de NV om zomaar winstuitkeringen uit te voeren en de vennootschap zo in het financieel in het gevaar te brengen!

Wenst u op de hoogte te blijven? Volg Cazimir op LinkedIn!



Terug naar overzicht
Icon nieuwsberichten

Dit nieuwsbericht behoort tot een reeks.
Bekijk hieronder de andere berichten uit deze reeks.

Parlement keurt het nieuw wetboek van vennootschappen en verenigingen goed!

Tijdens de plenaire vergadering van 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) goedgekeurd. De Kamer heeft zopas het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) goedgekeurd. Dit nieuw wetboek vervangt het bestaande…

Lees meer

Mis de opportuniteiten van het WVV niet

Hopelijk staat 1 januari 2020 reeds aangeduid in uw agenda: het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) wordt dan algemeen van toepassing op alle vennootschappen en verenigingen, ook deze opgericht voor 1 mei 2019. U heeft die misschien in het rood dan wel in het groen omcirkeld. Er…

Lees meer

Zal u interimdividenden kunnen uitkeren?

Een interimdividend is een winstuitkering waarvan de uitkering en waarde worden beslist door het bestuursorgaan van de vennootschap en niet door de aandeelhouders zoals alle andere winstuitkeringen. Onder ons oud Wetboek konden alleen NV’s (en CommVA’s) een interimdividend uitkeren en dit slechts ged…

Lees meer

​Controleer uw raad van bestuur, misschien is die niet meer geldig samengesteld !

Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) biedt opportuniteiten, maar legt ook enkele nieuwe verplichtingen op. Zoals reeds gemeld worden deze verplichtingen van toepassing vanaf 1 januari 2020 op alle vennootschappen, zelfs indien uw statuten nog niet zijn aangepast aan de nie…

Lees meer

​U kan het alleen!

Vorige week haalden wij aan dat het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) thans toelaat dat een naamloze vennootschap (“NV”), naar analogie met de vroegere besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (“BVBA”) en de huidige besloten vennootschappen (“BV”), wordt bestuurd door e…

Lees meer

Het WVV versneld toepassen ? Het kan nu nog sneller!

U weet ondertussen dat het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) onmiddellijk van toepassing is op “nieuwe” vennootschappen, zijnde vennootschappen opgericht vanaf 1 mei 2019. “Oude” vennootschappen die reeds bestonden op 1 mei 2019 kregen nog respijt tot 1 januari 2020. Een “oude” venn…

Lees meer

U stemt niet langer voor uw eigen (tegenstrijdig) belang.

Elke bestuurder heeft wel eens een belang dat tegenstrijdig is aan de belangen van de rechtspersoon die hij/zij bestuurt. Een voordehandliggend voorbeeld: de bestuurder verhuurt zelf een kantoor aan de (management)vennootschap waarvan hij/zij ook bestuurder is. Hij is dus tegelijk huurder en…

Lees meer

De CV onder het nieuw WVV

De minister is duidelijk. De ‘CV’ komt onder het nieuw WVV niet meer in aanmerking voor de uitoefening van een vrij beroep. Er heerst voor vrije beroepen die hun samenwerking hebben georganiseerd via een CVBA heel wat onduidelijkheid over het voortbestaan van deze vennootschapsvorm onder het nie…

Lees meer

Tijd om uw aandelenregister van onder het stof te halen!

U heeft hoogstwaarschijnlijk al vernomen dat met de intrede van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) de mogelijkheden tot het moduleren van overdrachten van aandelen bijna onbeperkt zijn geworden. Vooral in de BV is de ommekeer ten opzichte van de oude BVBA drastisch. In de NV, waa…

Lees meer

Schriftelijke besluitvorming versoepeld voor bestuursorganen

Onder het oude Wetboek van Vennootschappen was schriftelijke besluitvorming voor bestuursorganen niet evident: het was ofwel niet toegelaten, ofwel slechts toegelaten onder strenge voorwaarden. Bijvoorbeeld kon een raad van bestuur in de naamloze vennootschap slechts in uitzonderlijke gevallen…

Lees meer

Bestuurders, verkijk u niet op de beperking van aansprakelijkheid!

Eén van de nieuwigheden van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) is de invoering van een cijfermatige beperking van de aansprakelijkheid van bestuurders. Het WVV innoveert door een absolute aansprakelijkheidsbeperking te voorzien, zonder koppeling aan de omvang van de schade en onge…

Lees meer

Heeft de CEO thans meer bevoegdheden?

Het is gebruikelijk dat in naamloze vennootschappen het dagelijks bestuur van de vennootschap wordt toevertrouwd aan welbepaalde personen, die de titel van “gedelegeerd bestuurder”, “dagelijks bestuurder”, “CEO” etc. gebruiken. De impact hiervan is niet gering, aangezien deze personen niet enkel de vennoots…

Lees meer

Geen ontkomen meer aan het WVV!

Het is zover: sinds 1 januari 2020 is het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) algemeen van toepassing op alle vennootschappen en verenigingen, ook deze opgericht voor 1 mei 2019, en dit zelfs indien hun statuten nog niet werden aangepast aan het WVV. Het oude Wetboek van Ven…

Lees meer

Het WVV: U heeft als bestuurder eveneens een arbeidsovereenkomst afgesloten met de vennootschap. Wat nu?

Het nieuw vennootschapsrecht stelt dat een bestuurder in zijn hoedanigheid van bestuurder niet via een arbeidsovereenkomst met de vennootschap verbonden mag zijn. Een bestuurder kan zijn mandaat met andere woorden enkel als zelfstandige uitoefenen. Deze bepaling wordt zowel voor de BV, CV als NV…

Lees meer

De inkoop van eigen aandelen, een deur opent op vennootschapsrechtelijk vlak maar sluit op fiscaalrechtelijk vlak.

Een inkoop van eigen aandelen houdt in dat een vennootschap aandelen die zij zelf heeft uitgegeven, aankoopt van een aandeelhouder en eventueel blijft aanhouden. De handeling is van oudsher onderworpen aan strenge voorwaarden, die strikt moeten worden nageleefd, op straffe van nietigheid van de…

Lees meer

Opgelet voor zogenaamde “bestuurders op papier”: ook zij lopen risico op aansprakelijkheid !

In de praktijk komt het voor dat familieleden of kennissen als bestuurder worden opgenomen in raden van bestuur, louter om aan het wettelijke minimum aantal bestuurders te voldoen. De facto oefenen deze bestuurders het bestuur niet uit. Het opnemen van een dergelijk bestuursmandaat “op papier” hou…

Lees meer

Het eenhoofdig worden van vennootschappen onder het WVV: voor de BV en de NV nog steeds neerleggings- en publicatieplicht

Het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (“WVV”) heeft de eenhoofdigheid volledig gefaciliteerd voor besloten vennootschappen (“bv”) en naamloze vennootschappen (“nv”). Onder het gewijzigde vennootschapsrecht kan zowel een natuurlijke persoon als een rechtspersoon de enige aandeelhouder zijn van ee…

Lees meer

Vrijheid van taalkeuze in rechtspersonen, ongemerkt verder beperkt?

De steeds groeiende tendens van globalisering van onze economie leidt tot internationalisatie van onze vennootschappen, waarvan de organen steeds meer internationaal samengesteld zijn. De voertaal in menige raden van bestuur is geëvolueerd naar het Engels. De roep om versoepeling van de …

Lees meer

Interimdividenden en tussentijdse dividenden van VVPR-bis aandelen: hoe genieten van de verlaagde roerende voorheffing??

Op 23 april 2021 werd circulaire 2021/C/36 gepubliceerd, waarin de toepassing van de verlaagde roerende voorheffing op interimdividenden of tussentijdse dividenden van ‘VVPR-bis’ aandelen werd verduidelijkt. Dividenden verleend of toegekend ‘uit de winstverdeling van het derde boekjaar’ en volgende na dat …

Lees meer
Deze website maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te verbeteren. Door verder te surfen, stemt u in met ons cookie-beleid. Meer info